De Grote Cavia: algemene en bijzondere informatie over cavia's.





































 

Auw! Pijn is niet leuk. Hoe krijg je het weg?

Natuurlijke pijnstillers zijn te verkrijgen bij de webshop van De Grote Cavia.


Pijn bij de cavia
Reguliere (chemische) pijnstillers
Natuurlijke (kruiden) pijnstillers
Oorsprong van onze pijnstillers
Werking van onze pijnstillers
Verschil aspirine en paracetamol
Verschil aspirine en wilg
Voordelen van de wilg
Planten zijn de basis van de geneeskunde
Wat kun je zelf doen?

 

Pijn bij de cavia

Er kunnen allerhande dingen gebeuren waardoor cavia’s pijn hebben. Ik heb veel cavia’s gehad en gelukkig hadden die niet allemaal pijn, maar sommige wel. En wat vooral lastig is, is als een cavia langdurige pijn heeft omdat hij bijvoorbeeld piept bij het poepen, maar niemand iets kan vinden, of omdat hij gewrichtsklachten heeft en daardoor slecht kan lopen. En wat gevaarlijk is, is dat een cavia met pijn minder kan gaan eten of zelfs stoppen met eten waardoor het darmstelsel stil komt te liggen, met alle gevolgen van dien.



Reguliere (chemische) pijnstillers

Pijn is altijd ellendig, maar zeker bij een cavia omdat dan de kans bestaat dat hij minder gaat of eten of stopt met eten. En als dat gebeurt, heeft dat invloed op zijn darmen, die zelfs stil kunnen komen te liggen, met alle gevolgen vandien. Een goede pijnstiller is dus onontbeerlijk. Je kunt je cavia Metacam of Carprofen geven. Carprofen mag je maar twee weken geven, maar Metacam kun je langere tijd geven.

De chemische pijnstillers zoals Carprofen en Metacam werken prima, maar ze kunnen niet altijd gebruikt worden. Net zo werken natuurlijke pijnstillers prima, maar die kunnen ook niet altijd ingezet worden. Bij een noodgeval heb je een pijnstiller nodig die meteen werkt; dan is Carprofen of Metacam prima. Bij chronische pijnklachten werkten de natuurlijke pijnstillers prima.

Ze zijn te verkrijgen bij de dierenarts. Je kunt ze ook online bestellen, maar dan heb je alsnog een recept nodig van de dierenarts.



Natuurlijke (kruiden) pijnstillers

Er is Sindolor voor iedere pijn, er is Sindolor Forte voor als een sterke pijnstiller nodig is, dan heb je ook Sindolor Blaas, voor blaasproblemen, Sindolor Gewrichten, die prima werkt bij aandoeningen van de spieren en gewrichten en bij stijfheid, en er is Sindolor Mild, speciaal voor zwangere cavia’s, jonkies, cavia’s die niet tegen salicylzuur kunnen en om na operaties te geven.

Ze zijn te verkrijgen bij de webshop van De Grote Cavia.



Oorsprong van onze pijnstillers

De werking van onze aspirine berust op salicylzuur. Onze chemische pijnstillers zijn dan ook afgeleid van de stoffen die je in bepaalde planten aantreft. Salicylzuur verdunt echter het bloed; daarom mag het niet voor en na operaties en tijdens de zwangerschap gebruikt worden.

De mens heeft al heel lang de wilg gebruikt voor de behandeling van pijn en ontstekingen. Rond 2000 voor Christus was de werkzaamheid van de wilg al bekend bij de Assyriërs die het gebruikten als pijnstiller, maar ook andere volkeren kenden het nut van de wilg, zoals de Soemeriërs en de oude Egyptenaren. (De Soemeriërs en Assyriërs woonden in Mesopotamië, in wat nu Irak en Syrië is.)

Ook in Amerika gebruikten de Indianen het al sinds mensenheugenis. Maar ook in het oude Griekenland kenden en gebruikten ze de wilg als pijnstiller. Zo was er de Griekse arts, farmacoloog en botanicus Pedanius Dioscorides. Hij was (in de eerste eeuw na Christus) chirurg in het leger van keizer Nero en reisde dientengevolge met het leger mee.
Zo kon hij in heel Europa onderzoek doen naar geneeskrachtige stoffen, zowel planten als mineralen.
Hij schreef er een vijfdelige encyclopedie over, de Materia Medica (over medische middelen), een vijfdelige encyclopedie over kruiden en de geneesmiddelen die uit kruiden gehaald konden worden. En daarin valt te lezen dat wilg een goede pijnstiller is.

Zijn encyclopedie is de voorloper van de latere zogenaamde 'farmacopees': de offici
ële handboeken met daarin voorschriften voor de analyse van geneesmiddelen. Ook andere artsen, zoals Claudius Galenus, die in de derde eeuw na Christus leefde, en Hippocrates (in de vierde eeuw voor Christus) kenden de goede eigenschappen van de wilg.

Hippocrates wordt als de grondlegger van de Westerse geneeskunde gezien omdat hij op basis van lichamelijke symptomen vaststelde wat er aan de pati
ënt mankeerde en natuurlijke middelen voorschreef om de patient te genezen, in plaats van uit te gaan van tovenarij zoals tot dan gebruikelijk was geweest.

Nog altijd leggen aankomend artsen 'de Eed van Hippocrates' af. Ze beloven zich te houden aan bepaalde beroepsregels (zoals altijd doen wat in het belang van de patient is), die Hippocrates heeft opgesteld.

Een beroemde uitspraak van Hippocrates is: "Laat uw voeding uw medicijn zijn en uw medicijn uw voeding". Hiermee wordt bedoeld dat je ziek kunt worden door wat je eet, maar dat je, door je voedingspatroon te wijzigen, ook weer gezond kunt worden.




Werking van onze pijnstillers

De werkzame stof in de wilg, dat wat als pijnstiller werkt, is salicine. Dit is slechts een van de stoffen die in de wilg zit. Andere bestanddelen van de wilg zijn onder meer looistoffen en flavonglycosiden. Looistofffen beschermen de plant tegen insectenvraat, maar hebben ook een samentrekkende werking bij onstekingen terwijl flavonglycosiden zeer sterke antioxidanten zijn die hart en bloedvaten beschermen.

De naam 'salicine' is afgeleid van 'salix'; dat is de naam van de wilg in het Latijn. De stof werd in 1829 geidentificeerd door de Franse chemicus Henri Leroux. Het bleek dat salicine een suikerverbinding is; een samenstelling uit een suiker en een niet-suiker. Dit wordt in de plant, in dit geval de wilg, gebruikt om bepaalde eigenschappen te verkrijgen, zoals afweer tegen schadelijke insecten.

In 1838 lukte het de Italiaanse wetenschapper Raffaele Piria om de suikerverbinding uit elkaar te halen en hij verkreeg zo salicylzuur. Dit werkte prima als pijnstiller, maar was schadelijk voor de maag en kon daarom niet gebruikt worden. Uiteindelijk ontdekte de Franse chemicus Charles Frédéric Gerhardt dat indien je er een bepaald zuur aan toevoegt je acetylsalicylzuur krijgt wat minder schadelijk voor de maag is. Het Duitse farmaceutische bedrijf Bayer gebruikte acetylsalicylzuur en verkocht het als 'Aspirin'. Het aspirientje was geboren.



Verschil aspirine en paracetamol

Aspirine heeft als werkzame stof acetylsalicylzuur en paracetamaol heeft als werkzame stof para-acetylaminofenol. Paracetamol is ontstaan uit het in 1886 g
eïntroduceerde acetanilide. Dit stofje deed hetzelfde als paracetamol, maar bleek giftig te zijn. Acetanilide wordt in het menselijk lichaam namelijk omgezet in paracetamol en aniline, en aniline is erg giftig. Daarom splitste men paracetamol en aniline, zodat de pijnstillers alleen nog maar uit paracetamol bestonden. Paracetamol mag overigens niet aan cavia's gegeven worden!

Er zitten wel verschillen in de werking van paracetamol. Paracetamol is pijnstillend en onstekingsremmend, maar het mag niet gebruikt worden bij problemen met de lever of de nieren, bij overgevoeligheid voor paracetamol, tijdens de zwangerschap en borstvoeding en bij alcoholverslaving. Het mag ook niet langer dan veertien dagen gebruikt worden, hoewel veel mensen dat wel doen.

Aspirine is eveneens pijnstillend en onstekingsremmend, maar mag niet worden gebruikt bij problemen met de lever, de nieren of het hart, bij overgevoeligheid voor acetylsalicylzuur, tijdens de zwangerschap, bij maagzweren, bij astma en bij jicht.
Het mag niet worden gebruikt bij chirurgische ingrepen omdat er dan een verhoogde kans op bloedingen is doordat het de vorming van bloedstolsels voorkomt. Om deze reden wordt het juist wel gegeven als anti-trombose-middel bij een hartinfarct of herseninfarct, want dan wil je juist geen bloedstolsels hebben. Na een operatie wil je echter juist wel dat het bloed samenklontert om de wond te dichten.

In een lage dosering remt acetylsalicylzuur dus de vorming van bloedstolsels terwijl het in normale doseringen pijnstillend, ontstekingsremmend en koortswerend is.



Verschil aspirine en wilg

In aspirine zit één stof, in de wilg zitten heel veel stoffen. Onderzoek van The ESCOP (The European Scientific Cooperative on Phytotherapy – De Europese Wetenschappelijke Cooperatie van Fytotherapie [fytotherapie = kruidengeneeskunde]) heeft aangetoond dat niet alleen de salicine (waar het aspirientje uit voortkomt) pijnstillend is, maar ook tremulacine. Tremulacine is een andere stof die in de wilg zit. Als je een aspirientje neemt, krijg je echter geen tremulacine binnen, maar alleen maar de chemische vorm van salicine. De wilg met zijn diverse stoffen is dus beter.



Voordelen van de wilg

Indien je de gehele wilgenbast gebruikt, dan krijg je niet alleen de stof binnen die in asparine zit, maar je krijgt nog veel meer stofjes binnen. En het leuke is dat al die stofjes tezamen meer werkingen hebben dan alleen het stofje wat in asparine zit. De inhoudsstoffen van planten tezamen geven bepaalde werkingen; ze kunnen elkaar versterken en samenwerken om een beter resultaat te krijgen.

Vaak is het ook zo dat een gehele plant wel een bepaalde werking geeft, maar één stofje ervan niet. Men dacht eerst dat als je de werkzame stof uit een plant haalt, je dezelfde werking krijgt bij het innemen van die ene stof in een pil. Dat blijkt echter niet zo te zijn.

Indien je de salicine uit de wilg haalt, dan heb je wel een snelwerkende pijnstiller (wat uiteraard heel nuttig is!) maar dan mis je de werking van al de inhoudsstoffen van de wilg tezamen. En de combinatie daarvan blijkt dan beter te zijn dan de losse delen tezamen - overigens vaak zonder dat we weten hoe dat komt!




Planten zijn de basis van de geneeskunde

Planten zijn altijd al de basis geweest van de geneeskunde. Dieren genezen zichzelf door bepaalde planten te eten.
De mens had tot het einde van de achttiende eeuw geen andere medicijnen dan de planten, oftewel de geneeskrachtige kruiden. Iets anders was er gewoonweg niet. Vrijwel alle geneesmiddelen werden gemaakt van plantendelen.

Aan het einde van de achttiende eeuw ontdekte men dat stoffen uit planten gehaald konden worden. Indien men dus een stofje uit een plant haalde dat een pijnstillende werking had, dan had men een pijnstiller die men makkelijk kon doseren en die bovendien meestal een sterk merkbaar effect had.

Bij geneeskrachtige kruiden moet men meestal even wachten op het effect, maar zo'n enkel stofje werkt vrij snel. Men ging dus uit allerhande planten stofjes halen en die verkopen als medicijnen. Dat was het begin van de farmaceutische industrie.



Wat kun je zelf doen?

Niet alleen in de wilg zitten salicylaten; je vindt in meerdere planten pijnstillende stoffen. Indien je cavia dus pijn heeft, kun je hem voedsel geven waar pijnstillende stoffen in zit ter ondersteuning van de behandeling. En je kunt van die kennis ook zelf gebruik maken natuurlijk als jij eens pijn hebt!


Let op! Dat er in bepaalde voeding pijnstillende stoffen zit, wil niet zeggen dat je je cavia een blaadje andijvie kunt geven als pijnstiller als hij iets heeft! Voeding is ter ondersteuning, zeker in het geval van ernstige kwalen; dan moet je altijd een pijnstiller geven die meteen werkt en die sterk genoeg is.

Fruit met salicylaten:
-   Abrikoos
-   Braam
-   Zwarte Bes
-   Bosbes
-   Kersen
-   Druiven
-   Sinaasappel
-   Ananas
-   Framboos
-   Aardbei
-   Mandarijn
-   Appel

Groenten met salicylaten:
-   Andijvie
-   Radijs
-   Tomaat

Keukenkruiden met salicylaten:
-   Anijs
-   Basilicum
-   Dille
-   Dragon
-   Oregano
-   Pepermunt
-   Rozemarijn
-   Salie
-   Tijm
-   Zoethout

 

top      home