De Grote Cavia: algemene en bijzondere informatie over cavia's.





































De Dwergcavia, de Wezelcavia en de Rotscavia zijn de neefjes en nichtjes van onze cavia. Zij behoren tot de onderfamilie Caviinae, waartoe ook de cavia (zowel de wilde als de huiscavia) behoort.
De onderfamilie Caviinae behoort samen met de onderfamilie Dolichotinae (de Mara's) tot de familie Caviidae. De
Dolichotinae is daarom de meest directe verwant van àlle cavia's.

 


De neefjes en nichtjes van de cavia

De Dwergcavia, Rotscavia en Wezelcavia zijn ook cavia's, maar ze behoren niet tot het geslacht Cavia zoals de cavia, maar tot andere geslachten. Ze zijn in het groen aangegeven in onderstaand overzicht.

Familie

Onderfamilie

Geslacht

Soort

Caviidae

 

 

 

 

Caviinae

Cavia

Cavia anolaimae

 

 

 

Cavia aparea

 

 

 

Cavia fulgida

 

 

 

Cavia guianae

 

 

 

Cavia magna

 

 

 

Cavia nana

 

 

 

Cavia niata

 

 

 

Cavia pamparum

 

 

 

Cavia porcellus

 

 

 

Cavia stolida

 

 

 

Cavia tschudii

 

Wezelcavia's

Galea

Galea flavidens

 

 

 

Galea musteloides

 

 

 

Galea spixii

 

Rotscavia

Kerodon

Kerodon rupestris

 

Dwergcavia's

Microcavia

Microcavia australis

 

 

 

Microcavia niata

 

 

 

Microcavia shiptoni

 

Dolichotinae

Dilochotinae

Dolichotis patagonum

 

 

 

Dolichotis salinicola

top



De Galea - Wezelcavia

Het geslacht Galea kent drie soorten Wezelcavia's:
Geeltandcavia - Galea flavidens
Gewone Geeltandcavia - Galea musteloides
Spix' Geeltandcavia - Galea spixii

De Wezelcavia.

Dit is de Gewone Geeltandcavia.
Latijnse naam: Galea musteloides.

Leefgebied

De Wezelcavia's leven in Argentinië, Brazilië, Bolivia, Chili, Paraguay en Peru. Ze leven in die landen in droge gebieden; de savannes. Onbewoonde holen gebruiken ze als hol, maar ze gebruiken ook bosjes en struikjes als schuilplaats.
Ze leven in grote koloniën van wel 80 dieren, en dat is opvallend aangezien andere caviasoorten in veel kleinere groepen samenleven. Beertjes leven samen zonder ruzie te maken - ook iets wat bij andere caviasoorten niet voorkomt. Als ze geïrriteerd of boos zijn, klappertanden ze niet, maar roffelen ze met de achterpoten. Het zijn dus erg sociale en verdraagzame diertjes!
Ze leven van gras, bladeren, bast, schors, kruiden, zaden en vruchten.


Kenmerken

Hun tanden zijn, zoals de naam Geeltandcavia al aangeeft, geel. Hun vacht is bruinachtig/rood, maar kan ook neigen naar geel en zelfs wit. Ze hebben opvallende oogringen rondom hun ogen. De ogen zijn vrij groot en ze hebben, in tegenstelling tot andere caviasoorten, vier tepels (de Microcavia is de enige andere cavia die ook vier tepels heeft).
Ze hebben een klein kaal plekje op hun onderkin waar een klier zit.
In vergelijking met de huiscavia is de kop nogal spits, maar het lijf heeft wel de kenmerken die wij gewoon zijn van onze cavia: rond, kort en lekker bol!
Volwassen dieren zijn 15-20 cm groot met een gewicht van 400-500 gram. Na een draagtijd van 53 dagen brengen ze 1-5 jongen ter wereld. Het geboortegewicht is40-50 gram. Ze worden ongeveer vijf jaar oud.



top



De Kerodon - Rotscavia

De Kerodon kent één soort: de Kerodon rupestris. Ze worden ook wel Moko's genoemd.

De Rotscavia of Moko.

Latijnse naam: Kerodon rupestris.


Leefgebied

Ze wonen in Noordoost-Brazilië en Noord-Bolivia. Ze leven niet alleen, zoals hun naam doet vermoeden, op de rotsen, maar ook in andere gebieden. Ze gebruiken wel rotsholen als onderkomen en schuilplaats. De Rotscavia is een bijzondere cavia omdat hij bijzonder goed kan klimmen, erg goed kan springen en goed kan graven. Andere caviasoorten springen alleen als ze jong zijn en hoewel de Cavia aparea wel kan graven, kan niet één andere caviasoort klimmen (de Microcavia kan wel klimmen, maar niet zo goed).
Ze zijn niet alleen bedreven in het beklimmen van rotsen, maar ze klimmen ook in bomen!
Ze leven van planten die ze op de rotsen vinden maar eten ook de bladeren in de bomen. Ze graven echter ook wortels en knollen op.

Kenmerken

De vacht van de Rotscavia is een agoutikleur in geel en zwart. De buik, borst en kin zijn geel tot zilvergrijs.
In vergelijking met onze huiscavia, steken de poten en kop heel erg uit Zelfs als ze liggen, zie je de poten heel duidelijk. De kop is langwerpig en de neus en kaken vormen samen een snuit. De poten zijn in verhouding tot het lichaam vrij groot en zeker als je ze vergelijkt met de poten van de huiscavia; de poten zijn ook veel krachtiger en hebben duidelijk zichtbare tenen.
Volwassen dieren worden ongeveer één kilo en zijn ongeveer 38 cm lang. Pasgeborenen wegen tussen de 70-80 gram en per worp worden er 1-4 jongen geboren. Enkele uren na de geboorte kunnen de jongen al klimmen.
Ze kunnen tussen de vijf en tien jaar oud worden.



top



De Microcavia - Dwergcavia

De Microcavia kent drie soorten:
Zuidelijke Bergcavia - Microcavia Australis
Andes Cavia - Microcavia niata
Shipton's Bergcavia - Microcavia shiptoni

De Dwergcavia.

Dit is de Zuidelijke Bergcavia.
Latijnse naam: Microcavia australis.


Leefgebied

Ze leven in de savannes van Argentinië, Bolivia, Chili en Peru. Ze kunnen in bosjes en bomen klimmen, maar zeker niet zo hoog en goed als de Rotscavia.
Ze leven van gras, bladeren, vruchten en planten.


Kenmerken

Ze lijken qua uiterlijk op de Wezelcavia, maar hun vacht is lichter van kleur, hun oogringen zijn duidelijker en hun ogen zijn groter. In tegenstelling tot andere caviasoorten hebben ze vier tepels (de Wezelcavia is de enige andere cavia die ook vier tepels heeft).
In verhouding tot de huiscavia is de Dwergcavia niet alleen vrij klein, maar ook zijn zijn poten en kop meer geprononceerd. De oren staan duidelijk van de kop af, de nek is duidelijk zichtbaar en de kop is ietwat langgerekt. Ook zijn de snorharen duidelijk zichtbaar.
Volwassen dieren wegen 250-450 gram en zijn 20-22 cm groot. De draagtijd is 54 dagen en per worp worden er 1-3 jongen geboren; soms worden er ook vijf jongen geboren. Het geboortegewicht is 30-50 gram.



top




De verre familie van de cavia

De cavia behoort tot de familie Caviidae. De onderfamilies die van deze familie deel uitmaken, zijn Caviinae en Dolichotinae.
De Dolichotinae zijn dus nauw verwant aan de cavia, maar niet zo verwant dat ze in dezelfde onderfamilie zitten. Het zijn achterneefjes en achternichtjes, zeg maar.
Tot de onderfamilie Dolichotinae behoren de Dolichotis waarvan er twee soorten zijn:
Dolichotis patagonum - de Grote Mara
Dolichotis salinicola - Dwergmara
Ze zijn in het rood aangegeven in onderstaand overzicht.


Familie

Onderfamilie

Geslacht

Soort

Caviidae

 

 

 

 

Caviinae

Cavia

Cavia anolaimae

 

 

 

Cavia aparea

 

 

 

Cavia fulgida

 

 

 

Cavia guianae

 

 

 

Cavia magna

 

 

 

Cavia nana

 

 

 

Cavia niata

 

 

 

Cavia pamparum

 

 

 

Cavia porcellus

 

 

 

Cavia stolida

 

 

 

Cavia tschudii

 

Wezelcavia's

Galea

Galea flavidens

 

 

 

Galea musteloides

 

 

 

Galea spixii

 

Rotscavia

Kerodon

Kerodon rupestris

 

Dwergcavia's

Microcavia

Microcavia australis

 

 

 

Microcavia niata

 

 

 

Microcavia shiptoni

 

Dolichotinae

Dilochotinae

Dolichotis patagonum

 

 

 

Dolichotis salinicola




top



De Grote Mara of Patagonische Haas.

Latijnse naam: Dolichotis patagonis.



De Dolichotis - Mara's

Deze informatie geldt voor beide soorten Mara’s.
Deze knaagdieren, die zo nauw verwant zijn aan de cavia’s, lijken op langbenige hazen. De achterbenen zijn heel lang en ze kunnen dan ook flink rennen: 45 km p/u is geen uitzondering en ze kunnen dit ongeveer een kilometer volhouden.
Ze wegen tussen de 9 en 16 kilo, worden tussen de 50 en 75 cm en hebben een staart van 4,5 cm.
Je zou eigenlijk niet zeggen dat ze zo nauw verwant zijn aan onze huiscavia, maar toch is dat zo!


Leefgebied

Ze leven in laagland en in de iets hoger gelegen gebieden. Deze gebieden kunnen rijk begroeid zijn, maar ook (vooral in de zomer) schaars begroeid. Ze leven in holen die ze zelf graven of die ze overnemen van andere dieren die hun hol verlaten hebben. De holen liggen in gebieden met vegetatie en ze brengen de nacht door in de holen.


Het leefgebied van de Mara's.



Leefwijze en voortplanting

Ze leven niet in groepen, maar in paartjes. Een mannetje en een vrouwtje leven het hele jaar met elkaar, zonder andere Mara's, maar in het paarseizoen komen ongeveer vijftien paartjes bij elkaar. De vrouwtje graven nieuwe holen waarin hun jongen ter wereld komen. Een worp bestaat uit één tot drie jongen.
De jongen, die nestvlieders zijn, scharrelen al een dag na hun geboorte buiten het hol rond, maar ze worden vier maanden gezoogd. Als een moeder terugkomt van eten zoeken, wordt ze door alle jongen begroet, maar ze pikt haar eigen jongen er zo uit aan de hand van hun geur en alleen zij mogen bij haar zogen. Moeders en jongen houden contact door middel van een hoog fluitend geluid, terwijl de volwassen dieren communiceren door middel van lage rommelende geluiden. De reden dat de Mara's in het paarseizoen groepen vormen, heeft te maken met de veiligheid. Ieder paartje heeft een 'wachtbeurt' en het is hun taak de groep te waarschuwen bij onraad.


Voedsel en gedrag

Hoewel de mannetjes hun vrouwtje beschermen en onderling graag uitmaken wie de sterkste is, ontbreekt er een territoriumdrift en er is dan ook geen leider van de groep. Overdag komt de groep samen om te eten op de graslanden, maar ook om daar te zonnebaden: een positie waarin ze vaak zijn gezien. Ze eten gras, maar ook bladeren en andere vegetatie. ’s Nachts splitst de groep zich en trekt ieder zich terug in het eigen hol.
De volwassen paartjes blijven hun leven lang bij elkaar, maar de jongen vormen als zij op eigen benen kunnen staan, groepjes. Ze verlaten de groep pas als ze een partner gevonden hebben. Met acht maanden kunnen de vrouwtjes hun eerste nest hebben. Ze worden ongeveer tien jaar oud, hoewel een leeftijd van vijftien jaar ook gehaald is.



De Dolichotis patagonum - Grote Mara of Patagonische Haas

De Grote Mara leeft in Centraal- en Zuid-Argentinië. De Grote Mara kan 75 cm lang worden, waarbij de staart 4,5 cm is. Hij is ongeveer 45 cm hoog. Hij heeft een roodbruin tot grijze vacht aan de bovenzijde en een witte vacht aan de onderzijde van het lichaam. Witte plekken op de nek en witte poten komen ook voor.



Dolichotis salinicola - Dwergmara

De Dwergmara.

Latijnse naam: Dolichotis salinicola.


De Dwergmara woont in Noord-Argentinië, Zuid-Bolivia en Paraguay. Hij is ongeveer 45 cm lang. Hij heeft eenzelfde soort vacht als de Grote Mara maar heeft een horizontale gele of witte band over het lijf lopen.

Met dank aan Earthmatters voor de foto's.

top      home